Accueil Séances Plénières Tables des matières Législation Biographies Documentation Note d’intention

Rens Jules (1856-1945)

Portrait de Rens Jules

Rens Jules, Joseph, Ghislain libéral

né en 1856 à Grammont décédé en 1945 à Saint-Gilles

Représentant 1904-1919 , élu par l'arrondissement de Alost

Biographie

RENS L. JULES RENS, radicaal-liberaal en sociaal, sur le site Gerardimontium. Geraardsbergse vereniging voor lokale geschiedenis (consulté le 29 janvier 2026)

A. LEVENSSCHETS

Jules RENS zag het licht te Geraardsbergen op vijfentwintig januari achttienhonderd zesenvijftig. Hij was de vierde telg uit een gezin van zeven kinderen. Zijn ouders waren Louis Ghislain RENS en Marie-Louise DE VROEDE.

Het gezin vestigde zich in 1860, na een kort verblijf te Deftinge, in de Penitentenstraat te Geraadsbergen.

In 1868 liet zijn vader, Louis RENS, de thans bestaande woningen in de Wijngaardstraat 19-21 optrekken, die heden nog door zijn nakomelingen bewoond zijn.

Als tweede zoon van notaris Louis Ghislain RENS werd Jules, evenals zijn oudere broer Emile RENS, advocaat en plaatsvervangend Vrederechter te Geraardsbergen.

Jules behaalde in 1877 (op 22-jarige leeftijd) zijn diploma van doctor in de rechten aan de Université Libre de Bruxelles. Hij vestigde zijn kantoor, naast de ouderlijke woning, in de Wijngaardstraat nummer 17.

Samen met zijn liberale vrienden René VAN SANTEN, François LIOTTIER en R. DE VINCKE richtte Jules RENS op 26 januari 1883 de vennootschap onder gemeenschappelijke naam De Vincke, Liottier, Rens en Van Santen op onder de gemeenschappelijke benaming DISCONTOKANTOOR VAN GERAARDSBERGEN, verschenen m de bijlagen tot het Belgisch Staatsblad op 11 februari nadien.

We vinden Jules RENS omstreeks diezelfde periode ook terug als beheerder van de "Usine Mertens-Produits Chimiques" te Overboelare.

Een jaar nadat Jules zijn studies had beëindigd overleed zijn oudere broer Emile. Vanaf dit ogenblik zou Jules diens taal als oudste zoon en "frater familias" op zich nemen. De familiebanden met ouders, broer en zusters zouden gedurende Jules' hele leven van groot belang zijn.

Op 12 december 1903 huwde hij een eerste maal met Emma Gislena MORRE, dochter van Jeannes Franciscus MORRE en Lucia REYMENHAUT. Dit huwelijk, waarschijnlijk daar het kinderloos bleef, hield maar enkele jaren stand.

Jules huwde omstreeks 1910 voor een tweede maal met Irma Marie Ghislaine GOSSEYE, geboren te Geraardsbergen op 2 juli 1881.

Irma GOSSEYE zou op 3 juli 1910 bevallen van een flinke zoon, naar Jules' overleden broer, Emile genaamd.

Later zou nog een dochter, Maria RENS genaamd, het nieuwe gezin uitbreiden.

Enkele jaren voordien, in 1906, verhuisde Jules met zijn toekomstige echtgenote naar Sint-Gillis, Place Morichar 3.

Cok zijn oudste, ongehuwde, zuster Aimé RENS zou datzelfde jaar mee naar Brussel trekken.

Zijn beroep als advokaat bleef hij te Geraardsbergen uitoefenen, waar hij ook meermaals in de week verbleef. De verhuis naar Brussel moet ondermeer gezien worden in het kader van zijn echtscheiding, zijn werk als parlementariër en zijn vele vrienden te Brussel.

Jules RENS overleed op 89 jarige leeftijd te Sint-Gillis alwaar hij gecremeerd werd.

B. POLITIEKE LOOPBAAN

Jules RENS was slechts 25 jaar als wij hem in 1881 terugvinden als secretaris van de lokale "Association Libérale".

In dat zelfde jaar was hij kandidaat bij de Geraardsbergse gemeenteraadsverkiezingen. De liberale lijst aangevoerd door Victor Van Santen kon evenwel het pleit niet winnen. Op de 671 kiesgerechtigden behaalde Jules Rens 271 voorkeurstemmen.

Deze nederlaag was hoofdzakelijk te wijten aan de, door de Geraardsbergse liberalen, gevoerde onderwijspolitiek.

De verkiezingscampagne van 1881 werd volledig in het kader van de Belgische (en Geraardsbergse) schoolstrijd gevoerd. Nog geen jaar voordien werd het katholiek gemeentebestuur door de provincie-gouverneur verplicht het niet-confessioneel lager onderwijs in onze stad op te richten

De hevige katholieke kiescampagne tegen de "ongelukswet" verdacht de liberalen in hun "onzijdige" scholen de godsdienst bij het volk te willen uitroeien.

Van meet af aan zullen Jules Rens' radicale ideeën in schril contrast staan met de doctrinaire invloeden uit de eigen rangen.

Zijn anti-klerikale en sociale houding kreeg Jules enerzijds van huize uit mee, doch zijn inwijding in de Brusselse Vrijmetselaarsloge "Les Vrais Amis de I'Union et du Progrès" mag zeker ook als groeibodem aanzien worden.

In Louis Paul BOONS' Pieter Daens lezen we het volgende: " Teveel arbeiders liepen in de rangen van de Liberalen, die alleen maar uitkeken naar een kans om naar het socialistenkamp te kunnen overlopen. In hun blad Dendergalm dat reeds vier jaar lang de spreekbuis van het behoudsgezinde liberalisme was, begon Jules RENS te schrijven, een jonge advocaat uit Geraardsbergen. Hij sprak zich uit voor een democratisch en vooruitstrevend liberalisme en pleitte voor algemeen stemrecht, verplicht onderwijs en afschaffing der loting ... allemaal punten van het socialistisch programma.

Jules RENS, dan 33 jaar oud geworden, was te Geraardsbergen zeer volksgeliefd, omdat hij aan een nimmer verflauwend sociaal dienstbetoon deed. Hij sprak ook te Aalst in de zaal "Concordia", lokaal van de liberale werkmanskring. Op de eerste rijen hadden echter heel wat rijke en behoudsgezinde liberalen plaatsgenomen, waaronder ook de voornaamste garenfabrikanten.

Rens gooide ze daar in het gezicht "dat behoudsgezinde liberalen en behoudsgezinde katholieken koek-één-deeg moesten worden genoemd' ... en de liberale garenfabrikanten hoorden in hun rug al hun arbeiders geestdriftig toejuichen. "

De door BOON vermelde Dendergalm was welliswaar niet zo behoudsgezind als door BOON voorgesteld.

Schoorvoetend lieten de liberalen van het arrondissement Aalst Jules RENS op hun lijst toe voor de parlementsverkiezingen van 1890. Ook hier was de strijd bij voorbaat gestreden.

Tegen de katholieke lijst van voormeld arrondissement met onder andere Charles WOESTE en Louis DE SADELEER als voormannen was de liberale lijst niet opgewassen.

Aangezien het Belgisch liberalisme in deze periode nog steeds zijn wonden likte omtrent de door hen verloren schoolstrijd ontstonden er meer en meer splitsingen tussen doctrinaire en radicale liberalen. De eersten wilden terug naar het gematigd liberalisme van voor de schoolstrijd, de anderen daarentegen wilden hun strijd tegen het klerikalisme, indien nodig aan de zijde der socialisten, verderzetten.

Ook in Geraardsbergen bleef de splitsing niet uit. De sinds 1846 bestaande "Association Libérale" was, gezien de inwendige verdeeldheid, op sterven na dood .

Met de gemeenteraadsverkiezingen van 16 oktober 1887 werden dan ook geen liberale kandidaten voorgedragen, zodat Jules Rens met een aantal jongere radicale liberalen , waaronder zijn jongere broer Franz, te Geraardsbergen "La nouvelle Association Libérale" oprichtte, waarvan hij de eerste voorzitter werd en welke hij deze tot op het einde van de eeuw zou inrichten als een radicaal-liberale strijdformatie.

In datzelfde kader moet ook de oprichting gezien worden van de "Jeune Garde Liberale" (1884-85) die als kweekschool fungeerde voor de nieuwe radicale politieke formatie .

De Oude "Association Liberale" werd aldus officieel opgedoekt zodat de nieuwe liberale partij zich dan toch eensgezind achter de progressieve ideeën van hun voorzitter kon scharen . Verschillende meetings met de jonge Belgische Werklieden Partij waren hier het resultaat van.

Als voorbeeld haal ik hier graag de liberale Fanfare "Orpheus " aan , die in de meimaand van 1897 een muziekfestival inrichtte. In de volksbuurten hing men voor deze gelegenheid aan haast elk huis een rode vlag uit. Aan heel wat huizen van liberale arbeiders hing een nieuw soort vlag uit : een blauwe strook naast een rode strook . Ja, zelfs aan de Liberale Kring hing aan de blauwe vlag een rood lintje !

Het lijdt geen twijfel dat aan het samengaan der Geraardsbergse liberalen en dito socialisten , in die bepaalde periode van onze geschiedenis, een aparte studie zou moeten gewijd worden . In ieder geval mag men stellen dat dit gemeenschappelijk streven snel haar vruchten afwierp .

Alhoewel Jules Rens, als voorman der Geraardsbergse liberalen, een groot aantal stemmen zou vergaard hebben van zowel linkse als rechtse zijde, liet hij toch zijn jongere broer Franz op gemeentelijk vlak de teugels in handen nemen, zodat hij verder zijn politieke loopbaan op nationaal vlak zou kunnen uitwerken.

De bekroning van Jules RENS zijn politieke ijver volgde in 1904 toen hij als kamerlid verkozen werd. Tot aan de eerste Wereldoorlog bleef Jules RENS de onbetwiste liberale leider in het arrondissement Aalst.

Als parlementslid tijdens de regeerperiode van Leopold II hekelde Jules Rens, zoals de meeste liberalen, de Belgische vorst, die trouwens alle parlementariërs verwijtend “die van het circus hier rechtover" placht te noemen. We weten dat Jules Rens ondermeer goed bevriend was met de socialistische voorman Camille Huysmans.

In 1914, op de vooravond van de eerste wereldoorlog, werd Jules RENS voor de laatste maal als volksvertegenwoordiger herverkozen. Hij zou zich voor de kamerverkiezingen van 1919 niet meer kandidaat stellen.

Verder valt nog te vermelden dat Jules RENS gedurende jaren erelid en/of beschermheer was van de meeste Geraardsbergse verenigingen met liberale inslag zoals: het vrijwillig pompierkorps, de fanfare Orpheus, de toneelmaatschappij Voor eer en Kunst (erevoorzitter), de Geraardsbergse afdeling van het Willemsfonds (medestichter en bestuurslid), de turnmaatschappij La Grammontoise (erevoorzitter) en ook nog als redacteur optrad van De Volksvriend van het arrondissement Aalst. Dit vrijzinnig-liberaal blad, waarvan de lokalen gevestigd waren op de grote markt (Graaf van Egmont) te Aalst, had als ondertitel Liberaal Democratisch Weekblad en als titeltekening een hand met fakkel waaraan een vaandel is gehecht.

Alhoewel in de Geraardsbergse politieke geschiedschrijving minder bekend dan de leden van het notarissengeslacht RENS, waaronder zijn respectieve vader en broeder, is Jules RENS op politiek vlak zonder twijfel het meest actief geweest.